Sterk in het geloof?

Bent u sterk in het geloof?

Deze overdenking is ontstaan naar aanleiding van Romeinen 14:1,

“Aanvaard dan wie zwak is in het geloof, maar niet om over meningsverschillen te strijden.”
(Herziene Statenvertaling)

Als er mensen bestaan die ‘zwak’ zijn in het geloof, dan moeten er ook zijn die sterk zijn in het geloof. Ik denk dat de apostelen Paulus, Petrus en Johannes mannen waren die je ‘sterk in het geloof’ kunt noemen. Zij hadden een openbaring van God die zo gedetailleerd was en zo zeker dat niets hen ervan kon afbrengen. Zij wisten dat zij wisten dat zij wisten wie God is, hoe Hij is en wat Hij wil. Hier geldt ook: Kennis is macht! Omdat zij God kendenwisten zij dingen die anderen niet wisten. Die wetenschap maakte hen sterk.

Probleem is tegenwoordig dat er zoveel verschillende vormen van kennis bestaan. De Here Jezus zegt dat het kennen van God en Jezus Christus eeuwig leven is. Nu kun je wel eeuwig leven hebben zonder nauwkeurige kennis van God, maar dat leven functioneert niet als zodanig, het treedt niet naar buiten en werkt niets uit voor God in de wereld.

‘Zwak zijn in het geloof’ wil niet zeggen dat je een zwakke overtuiging hebt, net zo min als ‘sterk in het geloof zijn’ betekent dat je een vaste, sterke overtuiging hebt. Mensen die er rotsvast van overtuigd zijn, om maar iets te noemen, dat de geestesgaven niet meer voor deze tijd zijn, of dat God niet meer geneest, of dat iemand anders met zijn ideeën ernaast zit, zijn dus niet ‘sterk in het geloof’. Zij zijn van eigen gelijk vast overtuigd. Zij hebben een sterke overtuiging. ‘Zij hebben gelijk’ en zijn van het tegendeel niet te overtuigen.

Echter, je bent ‘sterk in het geloof’ als je precies weet hoe God over dingen denkt, wat Hij ervan vindt en wat Hij wil aangaande die bepaalde zaak. En dat punt bereik je alleen als je veel mediteert over Gods Woord, de Bijbel.

Je kunt ‘sterk zijn in het geloof’ op één bepaald punt, maar zwak op een ander punt. Er is altijd ruimte voor groei!

Ik zeg dit naar aanleiding van wat Jezus eens tegen een van mijn leraren zei, nl.:

‘Unbelief is when what you believe is un.’

In mijn vertaling: ‘On-geloof is als wat je gelooft on is,’ m.a.w. als wat je gelooft niet klopt met hoe God erover gesproken heeft of erover denkt. Als iets wat jij gelooft, iets waar jij vast van overtuigd bent, bij God niet zo is, dan is dat ongeloof en ben je zwak in het geloof. Ongeloof wil dus helemaal niet zeggen dat je ‘niet gelooft’.

Iedereen gelooft wel íets. Wij zijn geschapen naar Gods beeld, Hij is een geloofsGod, en dus geloven wij. Wij geloven, of vertrouwen, dat de persoon die achter ons bij de kassa staat, ons niet zal aanvallen. Wij vertrouwen erop dat die tegenligger op zijn weghelft zal blijven. Wij geloven dat wij niet beroofd of bestolen zullen worden. Maar dat is menselijk geloof, en soms komt het niet uit. ‘Ongeloof aangaande de dingen van God’ betekent dat je iets gelooft dat niet juist is, iets wat niet klopt met wat God gezegd heeft.

Dat iemand ergens stellig van overtuigd is, zou ons dus weinig moeten zeggen. Wij kunnen proberen na te gaan waarom zij geloven wat zij geloven, en er kan veel waarheid in zitten, maar (Romeinen 3:4): “Zo echter moet het zijn: God is waarachtig maar ieder mens een leugenaar, … .” Deze tekst betekent volgens mij dat een mening nooit helemaal in overeenstemming kan zijn met Gods denken, hoe goed een mens ook zijn best doet om waarheid te verkondigen. Er zal altijd een haak of een oog aan zitten.

Er kan veel waarheid zitten in hoe iemand ergens over denkt. Je kunt ervan leren, wat altijd fijn is. Het kan je op het spoor zetten van een grotere waarheid, waar die ander zelfs niet aan gedacht heeft!

Maar iemands mening zomaar overnemen …, nee, onderzoeken, ja!

Ik eindig met een citaat uit het Bijbelboek Openbaring (2:7, 2:11, 2:17, 2:29, 3:6, 3:13, 3:22):

‘Luister wat de Geest tot de gemeente zegt.’